Geprint vanhttps://www.tuinadvies.nl/artikels/soorten_bodembedekkers

menu
Tuinadvies

https://www.tuinadvies.nl   /    dinsdag 16 juli 2019

Bodembedekkers voor een onderhoudsvriendelijke ecologische siertuin

 

Bedekken van de bodem in een ecologische siertuin.

In de mate van het mogelijke laten we – ook in de open ruimte – ons tuinbeheer zoveel mogelijk over aan natuurlijke processen. En om dat te bereiken is er eigenlijk maar één optie: het bedekken van de bodem …

Bedekken van de bodem
Schoffelen of harken verstoort de bodem en legt hem opnieuw kaal. Logischerwijze komt de successie terug op gang! Dezelfde ongewenste pionierskruiden waartegen je schoffelt, komen even vlug en massaal weer terug. De onwetende tuinier bestempelt ze al gauw als ‘onkruid’. En hop, hij kan opnieuw beginnen te harken of te schoffelen. Of erger: bestrijdingsmiddelen gebruiken.

Bestrijdingsmiddelen worden ook wel pesticiden genoemd. Men maakt een onderscheid tussen:

  1. herbiciden (producten die planten verdelgen)

  2. fungiciden (producten tegen schimmels en zwammen)

  3. insecticiden (producten tegen insecten)

In een ecologische siertuin gebruikt je geen bestrijdingsmiddelen. Werk mee met de natuur. Om ongewenste kruiden voor te zijn, hoef je enkel de bodem te bedekken met de planten die je zelf kiest. Volgens de functie van de plek in je tuin, kies je voor lang of kort gras, bloeiende borders of een beplanting met struiken en kruiden. Bodembedekkende planten besparen je tegelijk heel wat werk en tijd.

Longkruid: een prachtige bodembedekker

Praktisch
Na bouw- of verbouwingswerken ligt je tuin vaak braak op een bestemming te wachten. Die naakte grond is uiteraard de ideale kiemplaats voor ongewenste pionierskruiden. Om onkruid (en gebruik van herbiciden) te voorkomen, kun je tijdelijk een fraai bloemenmengsel van eenjarige planten zaaien.

Een permanente bodembedekking voor de open ruimte kan met grassen, vaste planten of heesters. Uiteraard kies je je planten binnen de randvoorwaarden van jouw tuin!

(spelregel: ‘de juiste plant op de juiste plaats’).
Gebruik ook steeds combinaties van bodembedekkende planten. Dan wisselen bloei en groei voortdurend af. Het oogt gewoon ook mooier. Bovendien heb je toch nog resultaat als een bepaalde soort niet ‘pakt’.

Enkele voorbeelden:

In halfschaduw tot schaduw
De combinatie gewone klimop, kleine maagdenpalm en kruipend hertshooi doet het goed in de halfschaduw tot schaduw. Het zijn drie soorten met een kruipende habitus, een sterke groeikracht en goede bodembedekkende eigenschappen.

De combinatie van de drie levert een bodembedekking op die beter sluit dan wanneer je één plantensoort gebruikt. De plaats wordt in alle seizoenen en weersomstandigheden ten volle benut.

In halfschaduw
De combinatie lievevrouwebedstro, Kaukasisch vergeet-mij-nietje en prachtooievaarsbek is ideaal voor de halfschaduw.

In lichte schaduw
De combinatie gele dovenetel, dagkoekoeksbloem en grote muur is geknipt voor de lichte schaduw.

Wanneer wel / wanneer niet?
Is schoffelen dan volledig uit den boze?
Uiteraard niet! Schoffelen is in een ‘imitatie’ van een pioniersvegetatie nog steeds noodzakelijk tegen alle ‘ongewenste’ kruiden.
Uiteraard schoffel je bijvoorbeeld in de moestuin, omdat de moestuin per definitie een kale bodem met eenjarige planten (groenten) is, een pioniersmilieu dus, waarin alles wat niet groente is uiteraard ongewenst is! Ook schoffelen in een bloemenborder met eenjarigen kan uiteraard! Maar in de rest van de siertuin hark en schoffel je in de regel niet!

Zie ook de voorgaande delen:

 
 
#736

Bron: Provincie West-Vlaanderen