Geprint vanhttps://www.tuinadvies.nl/artikels/pootgoed:_meer_dan_aardappelen_en_uien

menu
Tuinadvies

https://www.tuinadvies.nl   /    woensdag 29 juni 2022

Pootgoed: meer dan aardappelen en uien, deel 1

Bij pootgoed denk je meteen aan aardappelen, ajuin of sjalot. Logisch want deze groenten worden het vaakst gekweekt. Maar pootgoed is zoveel meer dan dat alleen, het zijn ook soorten die we niet meteen verwachten te kunnen telen in onze eigen moestuin. Met ons bijzonder pootgoed ga je een nieuwe uitdaging aan en wie weet ontdek je ook wel een nieuwe wereld op culinair vlak, na het oogsten van je eigen (exotische) knollen en vruchten! 

Naast het traditionele plantgoed, kan je bij Tuinadvies nu ook terecht voor deze niet alledaagse soorten. Volg ons de komende weken en ontdek er meer over.

Pinda of aardnoot

Pinda's (Arachis hypogaea) zijn eigenlijk geen echte noten want die groeien aan bomen. De naam aardnoot verklaart meer over hun afkomst. Ze groeien namelijk in de grond en ze behoren tot dezelfde familie als de erwten en de bonen, de peulvruchten. De éénjarige plant vormt mooie gele bloemen die slechts kort bloeien. Na bestuiving worden er steeltjes gevormd die steeds langer worden en zich in de grond boren als ze de aarde hebben bereikt. Aan de uiteinden van deze steeltjes ontstaan peulvruchten met 2 zaden.
Mits de juiste groeiomstandigheden kan je pindanoten ook hier bij ons kweken. Laat de pindanoten vooraf kiemen in een pot op kamertemperatuur (ca. 20° C). Als het gevaar voor vorst is geweken, mag de plant in een grotere pot of in de volle grond worden uitgeplant. Zet ze op een zonnige plaats want warmte is een must voor een goede ontwikkeling. Beperk het water geven na de bloei tot 1 x per week. Oogsten kan vanaf de late zomer of vroeg in de herfst.

Aardnoten kweken

Knolcapucien

Bij ons minder bekend maar in Zuid-Amerika, specifiek in de Andes groeit de knolcapucien (Tropaeolum tuberosum) op grote hoogtes en worden ze door de plaatselijke bevolking nog steeds dagelijks gebruikt. Peru is dan ook de grootse producent. De knollen hoef je niet te schillen maar kunnen na het schrobben gebruikt worden in de keuken. Je kan ze stoven, lekker rauw eten, bakken of verwerken in soep, ook opgelegd in azijn zouden ze heerlijk smaken. Knolcapucien heeft een frisse en ietwat pikante smaak. Aan de vorm van het blad kan je duidelijk zien dat het familie is van de Oost-Indische kers maar de plant groeit minder krachtig. Laat op het najaar groeien er aan de klimplant prachtige oranjerode bloemkelken die eveneens eetbaar zijn.
Het pootgoed mag vanaf eind maart in potten worden geplant op een verwarmde plek, binnenshuis of in een tuinkas. Na de ijsheiligen mogen de plantjes uitgeplant worden op een zonnige plaats in de tuin. De plant is niet winterhard maar de knollen kunnen op een droge en koele plek lang bewaard worden.

Knolcapucien telen


Chayote of chu-chu

Chayote (Sechium edule) is een klimplant uit de familie van de komkommer. Alle delen van de plant zijn eetbaar maar de onrijpe vrucht, ook wel chu-chu of cho-cho genaamd, wordt het meest gebruikt. De plant is afkomstig uit Zuid-Amerika en wordt al eeuwenlang gebruikt in de keuken. Ook bij ons kan de plant gekweekt worden in de moestuin. Het is een klimplant met lange ranken die zowel kunnen klimmen als over de grond kunnen kruipen. Naast een zonnige plek en voldoende vocht, stelt ze niet zoveel eisen. De vrucht is peervormig, gifgroen van kleur en kan tot wel 1 kg wegen. Binnenin de vrucht met diep geplooide schil herbergt een zachte eetbare pit. De smaak van Chayote benadert die van komkommer en meloen. De bladeren kan je stoven als spinazie en de wortelknollen zijn een uitstekend alternatief voor aardappelen.
Start met het kweken van Chayote door de gehele vrucht in het voorjaar in een pot te planten, binnenshuis of in de serre. Laat de vrucht voor de helft boven de teelaarde uitsteken en geef voldoende water. Plant ze na de laatste vorst in mei buiten in de volle grond. Pluk de vruchten voor ze rijp zijn en eet ze rauw, gestoofd, gekookt of gebakken. Een lekkere smaakmaker in wokgerechten en in soep. 

Chayote telen

Japanse artisjok

Deze grillige, spiraalachtige wortels worden ook wel crosne of Japanse andoorn (Stachys sieboldii) genaamd, een plant die zijn roots in Noord-China heeft. De knollen groeien aan een sterke winterharde plant die ongeveer 50 cm hoog wordt met bladeren die lijken op die van munt. Laat je op het einde van het seizoen een paar knollen in de grond dan zullen ze het jaar erop opnieuw groeien. De plant stelt weinig eisen en levert in de meeste omstandigheden een rijkelijke oogst. Tegen het einde van de herfst kunnen de knollen geoogst worden, van zodra de bladeren beginnen af te sterven. Oogst enkel wat je nodig hebt en laat de rest gewoon in de grond want dan bewaren ze langer. Je kan ze zowel in de volle grond als in de potten op het terras kweken.
Japanse artisjok hoef je niet te schillen, je kan ze gewoon rauw eten in een salade of inmaken in azijn. De knollen hebben een knapperige nootachtige bite. Je kan ze net zoals een aardappel ook stomen, koken, frituren of bakken. 

Crosne pootgoed bestellen - Japanse artisjok


Lees ook Pootgoed: meer dan aardappelen en uien, deel 2

#5981Inge

Auteur: Inge
Redactie Tuinadvies

Terug naar boven icoon