Geprint vanhttps://www.tuinadvies.nl/artikels/de_principes_van_het_biologisch_tuinieren

menu
Tuinadvies

https://www.tuinadvies.nl   /    donderdag 23 september 2021

De principes van het biologisch tuinieren

Het instandhouden en bevorderen van het bodemleven is het eerste en belangrijkste biologische principe, dat het fundament vormt voor de rest. Zonder gezonde bodem vol leven zou de beschaving zoals wij die kennen, verdwijnen. We zijn voor ons eten afhankelijk van de bovenste laag aarde; als deze laag uitgeput raakt, dan waait of spoelt hij weg en krijg je bodemerosie. Deze laag kan alleen als teeltlaag worden gebruikt door het bodemleven in de grond te behouden en te stimuleren, zodat inactieve mineralen en water worden omgezet naar actieve vormen. 

Afvalproducten van planten en dieren vormen de humusrijke, waterhoudende, leemachtige grondsoorten waarop gezonde planten groeien. Kunstmest en overbeplanting putten die voorraad uit en verwoesten zo de organismen die het bodemleven zouden kunnen aanvullen.

Natuurlijk tuinierenBij biologisch tuinieren voeden we de grond daarom met organisch materiaal. Het ontkiemde leven in de grond gebruikt dit organisch materiaal, de mineralen en de grote hoeveelheden vastgehouden water om meer leven te creëren. Onze planten voeden zich met de bij- en afvalproducten van dit ontkiemende leven voor hun eigen groei en zijn daardoor gezonder en hebben meer weerstand tegen ongedierte en ziekten dan planten in uitgeputte grond vol kunstmest.
Organisch materiaal toevoegen heeft bovendien een cumulatief effect: hoe meer er wordt toegevoegd, hoe groter de populaties flora en fauna in de bodem. Die grotere populaties ondersteunen op hun beurt weer meer leven. 
Om dit bodemleven te beschermen gebruiken biologische tuiniers geen schadelijke, chemische stoffen; alleen, als laatste redmiddel, bepaalde 'natuurlijke' stoffen. Deze worden als veiliger beschouwd omdat ze over een minder breed spectrum giftig zijn en na gebruik sneller afbreken. Hierbij gaat het er niet om dat ze 'natuurlijk' zijn, maar om wat voor effect ze hebben op het leven in de grond.
Nicotine, een plantaardig product, is bijvoorbeeld niet toegestaan, omdat het schadelijk is voor allerlei vormen van leven, maar Bordeauxse pap van kopersulfaat en geblutste kalk in sommige landen wel (in Nederland niet). 

Het toenemende bodemleven in organisch gevoede grond biedt vervolgens ruimte voor nog meer, en grotere, levensvormen in de tuin en daaromheen. Want wie merels wil, heeft wormen nodig. De gevolgen op deze grotere schaal zijn ook cumulatief. Hoe meer grotere levensvormen naar je lapje tuin komen, hoe meer ze zich concentreren en mineralen en voedingsstoffen meebrengen, zodat je grond nog vruchtbaarder wordt. Vogels verliezen bijvoorbeeld veren, laten eierschalen, nestmateriaal en heel veel poep achter, en uiteindelijk ook hun lichaam, wat allemaal bijdraagt aan de vruchtbaarheid van de grond. Op het eerste gezicht lijkt dat weinig, maar als je al die kleine beetjes optelt, komt de jaarlijkse productie van een extra vogelgezin in je tuin neer op een emmervol rijke organische mest. 
Andere dieren, zoals kikkers, padden en egels, vormen een onderdeel van hetzelfde proces en dragen ook bij aan de vruchtbaarheid. Bovendien produceren ze kostbare koolstofdioxide. In de bovense lagen van de atmosfeer is dat een probleem, maar als het langzaam in kleine beetjes wordt uitgeademd door deze dieren, wordt het snel geabsorbeerd door de tuinplanten. Alle dieren in de tuin of grond geven koolstofdioxide af en houden op deze manier de plantengroei in stand. 


Een goed begin - goed planten telen

GroenbemesterGoede teeltmethoden en groeiomstandigheden geven planten een vliegende start en zorgen ervoor dat ze ongehinderd kunnen groeien. Planten die geremd worden in hun groei, doen het nooit zo goed als planten die gestaag groeien: hun weefsels verharden en de groei wordt beperkt. Biologische tuiniers willen de beste omstandigheden creëren voor de planten en voorkomen dat ze te lijden hebben onder, bijvoorbeeld, te grote hitte of koude, en, heel belangrijk, gebrek aan vocht. Een watertekort kun je voorkomen met meer organisch materiaal in de grond; dit fungeert als een spons en houdt de regen uit natte perioden vast. Weinig stress en concurrentie van onkruid aan het begin van de groei leidt tot gezonde planten die goed groeien, ondanks aanvallen van ongedierte en ziekten.

Natuurlijke bestrijdingsmiddelen

Het derde principe is afgeleid van de eerste twee: we willen het bodemleven koesteren en de beste omstandigheden bieden voor onze planten. We moeten daarom ongedierte en ziekten onder controle houden zonder pesticiden te gebruiken die schadelijk kunnen zijn voor het leven in de grond of de planten zelf. Biologische tuiniers proberen te voorkomen dat ze het punt bereiken dat ze een pesticide moeten gebruiken, zelfs een biologisch goedgekeurde. Ze doen dit door een grote variëteit aan planten neer te zetten en zo stabiele ecosystemen te vormen die roofdieren en parasieten aantrekken, die zo automatisch het ongedierte bestrijden. Met een grotere variëteit aan planten kunnen we ook ziekten, en hun verspreiding, voorkomen.
Onze belangrijkste troef is ons verstand. We kunnen allerlei trucjes bedenken om ongedierte en ziekten te slim af te zijn. Eenvoudige vallen, lijmbanden, zorgvuldige planning en mechanische barrières kunnen veel ongedierte tegenhouden. Ook een verstandige werkwijze, waarbij hygiëne en wisselteelt centraal staan, helpt daarbij. 

Tijd en geld

Ecologisch tuinierenHet vierde principe draait erom dat we onze invloed op het milieu proberen te beperken. Zelfs tuinieren valt daaronder, want als we er niets mee zouden doen, zou de grond nog meer planten produceren. Na een paar seizoenen verwaarlozing verdwijnt braakliggende grond onder een wirwar van onkruid en doornige struiken, en jonge boompjes en heesters vormen al snel een dicht struikgewas. Al die planten hebben een positieve invloed op de grond, houden zonlicht vast en halen meer koolstofdioxide uit de lucht. Gezonde grond kan door slecht onderhoud in een paar decennia weer worden verwoest.
Biologische tuiniers streven naar zoveel mogelijk bodembedekking als praktisch is, met beplanting  tussen de gewassen en door het inzaaien van groenbemesters voor en na de oogst. Deze natuurlijke bodembedekking zorgt voor een stabiele grond, voorkomt erosie door wind en water en zorgt ervoor dat de grond van jaar tot jaar beter wordt. De verschillende planten houden niet alleen ziekten en ongedierte onder controle: ze bieden ook een beschutte plek vanwaaruit nuttige dieren de omgeving kunnen koloniseren. Groenbemesters en compost zijn een goede vervanging voor kunstmest. Door dit soort maatregelenen zijn ecologisch onverantwoorde pesticiden niet langer nodig.

"Natuurlijk tuinieren" van Bob Flowerdew is het handboek voor biologisch, ecologisch, organisch en vooral ontspannen tuinieren. Het meest praktische en aansprekend geschreven boek voor wie bewust tuiniert met aandacht voor onze omgeving, het milieu en een gezondere manier van leven. 


#5911

Bron: Lannoo Uitgeverij